Uitgangspunten

In de groepen 1 en 2 ligt het accent op ontwikkelingsgericht onderwijs. Een kleuter wil van alles onderzoeken, staat nog geheel verbaasd van allerlei dingen en kan zich nog verwonderen over alles wat voor ons volwassenen van weinig betekenis lijkt te zijn. Door aan te sluiten bij die behoeften, willen we hen ervaringen op laten doen over dingen die  hen op dat moment bezighouden. Het kind bepaalt echter niet alles zelf. De leerkracht houdt de ontwikkeling van de kinderen goed in het oog en biedt materialen en activiteiten aan als het kind er aan toe is. Dit alles vraagt van de leerkracht een goed observatievermogen. Het past bij het ontwikkelingsniveau van kleuters om vanuit spel ervaringen op te doen op het gebied van taal, denken, bewegen en expressie. Door samen te spelen, leren de kinderen contact te maken en samen te werken.

Dagritme

De dag van een kleuter verloopt meestal volgens een bepaald ritme. De volgende activiteiten kunnen dan aan de orde komen: kringgesprek, taal- en rekenspelletjes, (bijbel)verhalen, prentenboeken, gymnastiek, buiten spelen, muziek, drama enz.

Speelwerktijd

Tijd waarin gespeeld en gewerkt wordt, eventueel naar aanleiding van een opdracht. Dit kan zijn een les met knutselmateriaal en een bepaalde techniek, bijvoorbeeld: leren werken met verf, knippen, plakken, kleien, enzovoorts. Tegelijkertijd wordt ook de creativiteit ontwikkeld.

Spelletjes uit de kast: hierin wordt met ontwikkelings- materiaal gewerkt. Bijvoorbeeld: lotto’s, kleurenspelletjes, taal- en rekenspelletjes. In de lokalen en op de gang zijn allerlei hoeken ingericht, waarin een grote verscheidenheid aan activiteiten plaatsvindt. We proberen op deze manier tegemoet te komen aan de verschillende ontwikkelingsbehoeften van de kinderen. In elke hoek kan gewerkt of gespeeld worden: vrij of met een opdracht. Meestal staat er een thema centraal dat actueel is en de belangstelling van de kinderen heeft